SWINGEND

 

door Walter van der Hulst
2002

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

China is   toegetreden tot de Wereld- handelsorganisatie. Wat betekent dat voor de Chinezen?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een aardverschuiving of slechts een rimpeling in hun leven?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In tien brandende vragen worden de gevolgen afgetast. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Maar eerst een weekendje stappen in Shanghai.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als er ergens iets verandert, is het hier. De stad meet zich razendsnel haar vroegere imago van Parijs van het Oosten weer aan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De yups en de voorhoede van de een-kindgeneratie wentelen zich in wat voorheen als 'westers decadent gedrag' werd bestempeld.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

René van Asselt

 

 

SHANGHAI

 

Hoe ziet een weekend young en cool eruit in booming Shanghai, ook wel 'de hoer van de Oriënt' genoemd! Een drankje als opwarmertje bij Face en even binnenlopen bij de overvolle Buddha Bar, duidelijk 'in' bij de expats. Vanwege de talrijke knappe Shanghai birds die best in zijn voor een avontuurtje? Daarna dansen bij Goya en een flinke portie hiphop in club Pegasus. Taxi in, taxi uit. We hebben al een heel rijtje van uitgaansgelegenheden bezocht als  we  om drie  uur
's nachts besluiten om nog één andere club aan te doen. Het wordt Rojam, de populaire disco voor jonge twintigers. De techno dreunt ons tegemoet. Kort gerokte meisjes in identieke outfit delen folders uit van het nieuwste gsm-model van NEC. Ook een promotieteam van Budweiser is prominent aanwezig. Rode en groene laserstralen flitsen door de zaal op de beat van de muziek. Snel wisselende videobeelden geprojecteerd op zuilen, muren en plafonds. Een drietal dj's annex vj's is druk in de weer achter een indrukwekkende opstelling van draaitafels en computers. Op het podium een handvol atletische dansers, op de volgepakte vloer honderden enthousiast bewegende jongeren die en masse proberen om de voorgangers te imiteren.
Put your haaannnds up... yeeeeaaaahhhhh.

Lady's day

Mijn weekend in de scène van Shanghai begint op zaterdagmiddag om een uur of twee. 'Hi Shirley, waar zit je? Kom je straks ook naar O'Malley's?'  Vanuit de taxi dirigeert Carmen via haar mobieltje haar vrienden alvast naar de populaire Ierse pub. 'Vandaag is het lady's day, tussen vijf en zeven het tweede drankje gratis.'  We stappen uit bij Xintiandi, aan het uitgroeien tot dé trendy plek van de stad. Gefinancierd met geld uit Hongkong worden hier in recordtempo een aantal huizenblokken van de karakteristieke, uit zwarte en bordeauxrode bakstenen opgetrokken, shikumenbuurtjes gereno-veerd tot restaurants, grand cafés, boetieks en galeries. Bijna wekelijks openen nieuwe zaken hun deuren, de ene van nog mooier design voorzien dan de andere. De nieuwste aanwinsten zijn Va Bene, een peperduur Italiaans restaurant, en een eetgelegenheid annex galerie van de Taiwanese filmster Yang Hui Shan die het acteren heeft verruild voor het maken van kunstwerkjes van kristalglas. Pikant detail: net om de hoek staat het pand, nu een klein museum,  waar in een schemerige huiskamer de Chinese Communistische Partij op 23 juli 1921 haar oprichtingsvergadering hield. Onder de dertien aanwezigen niemand minder dan Mao Zedong. Zou hij zich omdraaien in zijn graf?

Zien en gezien worden

We drinken cappuccino met cheesecake bij Starbucks, de Amerikaanse koffieketen die in amper twee jaar tijd al bijna haar twintigste filiaal in booming Shanghai kan openen. Wat is het toch dat jongeren als Carmen zo gemakkelijk vier a vijf euro neertellen voor een in serie gemaakte mok koffie? Ze glimlacht. 'Het hoort bij de nieuwe lifestyle. Mensen willen laten zien dat ze het zich kunnen veroorloven. Het is zien en gezien worden.' Carmen (28) is afkomstig uit Wuhan en ging als 19-jarige scheikunde studeren in Beijing. 'Ik wilde het huis uit. Gelukkig stemden mijn ouders in, ze zijn ruim denkend. Mijn beste vriendin moest blijven en werkt nu als architect bij de overheid. Ze heeft het gevoel dat ze kansen mist in het leven en roept voortdurend dat ze weg wil uit Wuhan. Maar het ontbreekt haar aan het zelfvertrouwen om de stap echt te maken.' Zelf rolde Carmen via de opleiding in een baan bij een staatsgasfabriek, maar hield het daar na een paar maanden voor gezien. 'De komende tien jaar hetzelfde werk doen leek me geen leuk vooruitzicht. Via een vriend kwam ik vervolgens terecht bij een private machinefabriek als assistent van de general manager, een man uit Singapore. Maar ook daar zag ik na een jaar nauwelijks vooruitgang. Dus stapte ik over naar mijn huidige bedrijf.'

Happy hour

Bij "Outdoormachine" heeft ze het naar de zin. Het media- en communicatiebureau met een eigenaar/directeur uit Hongkong groeit als kool. Van een handvol medewerkers in Beijing, toen Carmen er vier jaar geleden begon, tot vijfhonderd in een tiental steden nu. Haar verantwoordelijkheden groeiden, net als haar salaris: van zo'n 6000 euro netto per jaar bij de start tot ruim 30.000 nu. Haar volgende stap wordt een masteropleiding, als het lukt in Leeds,  ze neemt alvast Engelse les, elke zondag van tien tot vier uur.

Voor de zoveelste keer trilt de gsm op het tafelblad. JJa, we zijn onderweg.' In de taxi naar O'Malleys dus voor een happy hour. De hele club is er al. Haar goede vriendin Vivian (31) die ze nog kent uit Beijing, nu marketingmanager bij een dochteronderneming van PepsiCo. Danny (33), hoofd verkoop van een Finse multinational in verpakkingsmachines. En Shanice (28), een beetje tegen haar zin voor Eastman Kodak uitgezonden naar de stad Chengdu in het binnenland en voor een weekendje terug in de enige 'echte' stad. Shanice woont samen met haar vriend Jeff (25), die samen met een studiegenoot en een tv-journalist een bedrijf in mediaconsultancy en beeldproducties is begonnen. En dan is er nog Riek (35), die in de verkoop van koekjes zit. Hij heeft zijn collegaatje Shirley (29) meegebracht en zij op haar beurt haar vriendin Angela (29). Twee modieuze meiden in Prada kleding, Ferragamo schoenen en met Gucci tasjes. Allemaal met een westerse verbastering van hun Chinese naam, want dat is makkelijker voor de communicatie met buitenlanders. Ze spreken voldoende Engels, gaan op businesstrips naar Europa en de VS en als de drukke baan het toelaat op vakantie naar Vietnam, Japan of Australië. Van de spaarcenten kopen ze allereerst een nieuw onderkomen voor hun ouders, die moeten rondkomen van een minimaal pensioentje, en als het even kan nog een appartement in het centrum voor zichzelf. Om vrijer te kunnen leven, want dat is onder de ogen van hun ouders niet goed mogelijk.

Zo gaan de young urban professionals in Shanghai op stap na een lange en intensieve werkweek, als vrienden die elkaar kennen via het werk. Guanxi noemen de Chinezen het: een netwerk van old friends opbouwen en onderhouden, niet alleen zakelijk maar ook in het privéleven. Je wilt graag weten wat voor vlees je in de kuip hebt als je mensen leert kennen,' legt Carmen uit. 'Er lopen veel rare snuiters rond.' Een handig hulpmiddel is het zakendiner. Na het genoeglijke uurtje in de Ierse pub volgt dan ook een etentje in een Japans restaurant. Aan tafel wordt de groep steeds luidruchtiger, al was het maar om boven het rumoer van andere gezelschappen uit te komen. Maar ook de drank maakt vrolijker. Er gaan ook seksueel getinte grappen over tafel. De yups zijn niet preuts, maar met onderwerpen als safe seks houden ze zich (vooralsnog) helemaal niet bezig. Aids ligt ver van hun bed en wordt gezien als een typische homoziekte. Pas sinds kort durven enkele homoseksuelen toe te geven dat zij seropositief zijn.

Danny betaalt de rekening van zijn maandbudget voor representatie en kondigt aan dat hij naar huis gaat, naar vrouw en kind. Ook Jeff haakt af. Hij heeft met vrienden afgesproken om te gaan kaarten, net als het bordspel mahjong nog steeds een geliefd tijdverdrijf waarbij het nodige aan geld wordt ingezet. De twee hippe dames trippelen eveneens hun eigen weg. Half fluisterend vertrouwt Riek ons toe dat zijn collegaatje, hoewel getrouwd, een minnaar heeft uit Singapore. Een Chinees/Amerikaanse zakenman die regelmatig in het luxe Portman Ritz-Carlton Hotel in Shanghai verblijft.  

Internetcafé

Wandelend gaan we op weg naar Race, een chique ingerichte bar in een klassiek pand. Onderweg passeren we een grote zaal waar misschien wel honderd jongeren achter een computerscherm zitten. Een internetcafé, zoals Shanghai er enige honderden kent. 'Maar de meesten zitten daar niet om online te gaan,' weet Riek. 'Ze spelen local areanetwork (LAN) games, computerspelletjes waarbij je met tientallen anderen in de slag gaat. Of met een hele groep van het ene internetcafé tegen het andere. Voor een paar euro zijn ze de hele avond bezig, soms tot diep in de nacht.' 

Een een-kindgeneratie viert het leven

Waar al die net-geen-tieners-meer de entree van zo'n tien euro van betalen, vraag ik Vivian als we aan het eind van de kroegentocht in de Rojam disco belanden.
'Bijbaantjes. Wij huren vaak jongeren in om onze drankjes te promoten in winkels en supermarkten. Of ze verkopen spullen op straat.' Vivian toont zich niet zo positief over de jonge lichting, die zichtbaar met zichzelf en vooral het uiterlijk bezig is. 'Het zijn de eersten van de één-kindgeneratie. Door en door verwend door ouders en grootouders en niet anders gewend dan dat ze alles krijgen wat hun hartje begeert. Net van de opleiding af komen ze bij ons solliciteren, je gelooft niet wat ze zomaar durven te vragen als aanvangssalaris. Maar er is een grote vraag naar hoger opgeleiden, dus bedrijven hebben geen keus.'

Exponenten van deze nogal zelf ingenomen, hedonistische en erg materialistisch ingestelde leeftijdsgroep zijn ook Wei Hui (28) en Mian Mian (30), schrijfsters van respectievelijk Shanghai Baby en Candy.

Terwijl het westen ervan smult, zijn beide boeken in China verboden. Vanwege de verdorven leefstijl van de hoofdpersonen en de overdadige en expliciete beschrijving van drugs en promiscuïteit. Chinese jongeren geloven alleen nog in geld. Niet in God, zoals nog steeds veel westerlingen, en niet in Mao Zedong, zoals hun ouders. Ze hebben na de gebeurtenissen op Tiananmen in 1989 begrepen dat ze politiek toch geen invloed mogen hebben. Daarom pakken ze wat ze kunnen pakken en genieten van het leven,' zo verklaart Wei Hui het gedrag van de jeugd.

Vivian knikt als ik deze uitspraak aanhaal. 'Shanghai Baby is geen topliteratuur. Maar vooral vrouwen ervaren het als een bevrijding dat er over een onderwerp als seks openlijk wordt geschreven vanuit hun perspectief. Verboden? Ach, de teksten circuleren overal. Toen het boek uitkwam heb ik het aan een goede vriendin in Beijing cadeau gedaan.'

Voetzone-reflexmassage

Of er inderdaad zoveel drugs worden gebruikt, vraag ik Vivian boven de muziek uit. 'Je ziet het wel steeds vaker, maar alleen op bepaalde plaatsen. De politie doet soms invallen bij kroegen, disco's en clubs, heb ik gehoord. Er schijnen nieuwe pilletjes te zijn, waarvan je hoofd gaat schudden. Bij zo'n inval doet de politie dan alle lichten aan en zet de muziek af. Degenen die de pilletjes hebben geslikt, merken dat vaak geeneens en dansen gewoon door. Zo kan de politie ze er gemakkelijk tussenuit halen en arresteren.' Ze schetst het beeld zonder enige spoor van ironie.

Na lang uitslapen gaan we op zondagmiddag loungen op de 87ste verdieping van het Grand Hyatt Hotel, na de tweelingtorens in  Kuala Lumpur, het een-na-hoogste gebouw ter wereld. De plek biedt een fantastisch uitzicht. De nieuwe wolkenkrabber nummer één is vlakbij in aanbouw, in het moordende tempo waarin Shanghai ook al twee enorme bruggen, driehonderd kantoor- en woontorens, een metro, diverse snelwegen en een nieuw vliegveld heeft aangelegd. En volgend jaar krijgt de luchthaven een snelle verbinding met het centrum in de vorm van de eerste magneetzweeftrein.

Na een diner bij een van de talloze en uitstekende lokale restaurants nemen Carmen en Vivian mij mee voor een voetzool- reflexmassage. Ik vraag Carmen hoe haar leven er over tien jaar uitziet. 'Dan hoop ik genoeg verdiend te hebben om niet meer te hoeven werken. En dan? Veel reizen, en misschien kinderen. Dat is een droom hoor, geen plan!' Ik blader wat in de diverse gratis uitgaansmagazines van Shanghai en bekijk de kaarten van Postcard.com die ik bij me heb gestoken: L'Oréal, Nokia, Maybelline en BVLGARI denken zo hun doelgroep te bereiken. De twee dames vallen tijdens de ontspannende voetbehandeling in slaap. Morgen weer een lange, drukke dag op het werk.

Tien brandende vragen

door Fons Tuinstra

Ze sparen driftig, vinden het hiernamaals flauwekul, zijn altijd bang voor honger en klagen graag over hun regering. De Chinezen zijn toegetreden tot de Wereldhandelsorganisatie. Wat betekent dit voor de mensen, de samenlevingen de economie?

1. De Chinezen zijn sinds dit jaar lid van de WTO.

Weten ze wel waar ze aan beginnen? Op het hoogste niveau weten ze heel goed waar ze aan begonnen zijn, maar China is een groot en chaotisch land. Daarom kost het Peking grote moeite om haar beleid door te drukken in de rest van het land waar provinciale, lokale en andere autoriteiten allemaal gewend zijn eigen baasje te spelen. Niemand weet wat de gevolgen van het lidmaatschap voor China zijn. Gaat de douane op zoek naar alternatieve inkomstenbronnen nu de import- en exportheffingen afgeschaft gaan worden? Zal Peking in staat zijn de binnenlandse handelsbelemmeringen op te heffen? Sommige provinciegrenzen zijn nu moeilijker over te steken dan dertig jaar geleden de Duits-Nederlandse grens. Auto's bijvoorbeeld worden nauwelijks buiten de provincie waar ze worden gemaakt verkocht, omdat de overheid daarover extra belastingen heft. Dat verklaart waarom vrijwel alle taxi's in Shanghai een volkswagen Santana zijn, terwijl die buiten Shanghai nauwelijks voorkomt. Voorlopig zit China nog in de wittebroodsweken. Zolang de honderden, duizenden wetten en regeltjes nog niet zijn aangepast aan de veranderingen, doet niemand moeilijk. Behalve de buitenlandse bedrijven, die soms al twintig jaar op een beetje vooruitgang wachten. Zij willen eindelijk zonder handelsbelemmeringen geld verdienen. Daarom zijn een aantal teleurgestelde bedrijven begonnen de druk op China op te voeren. De Turkse producenten van serviesgoed waren de eersten die juridische procedures begonnen tegen de goedkope Chinese importen. In de komende jaren zullen honderden bedrijven hen hierin volgen. Vast staat dus dat in ieder geval de advocaten van China's toetreding tot de Wereldhandelsorganisatie zullen profiteren.

2. Werken ze wel zo hard als wij denken?

Ja en nee. China is een land van extremen, ook waar het om werken gaat. Traditioneel gingen de Chinezen hier in Shanghai naar het werk om thee te drinken, te kletsen en wat te slapen. Sommigen waren zo verveeld dat ze zelfs de krant gingen lezen, terwijl daar toch nooit iets interessants in stond. Op het platteland was de verborgen werkloosheid, want dat was de reden voor velen om niks te doen, nog veel omvangrijker. Voor honderden miljoenen Chinezen was er gewoon niks te doen. Nu is de staatseconomie op haar retour en het vertrouwde beeld van een kantoor vol met slapende Shanghainezen behoort tot het verleden. Werken begint voor hen interessant te worden. Vooral als de Chinezen voor zichzelf kunnen werken, breekt de hel los. Privé-bedrijven, ook al hebben ze nauwelijks steun van de overheid en de banken gekregen, groeien als nooit tevoren. Het leerprincipe dat kinderen er van jongs af aan krijgen ingestampt én de drang om er zelf beter van te worden, kunnen Chinezen tot ongekende prestaties brengen.

3. De Chinezen zijn zo braaf, of lijkt dat maar zo?

Dat lijkt maar zo, maar in feite zijn Chinezen aartsanarchisten en lappen veel regels aan hun laars. En daar zijn er heel veel van, want niets maakt Chinese ambtenaren en politici zo enthousiast als het maken van nieuwe regels. Internationale deskundigen spreken met ontzag over de wetgeving die China de afgelopen tien jaar heeft ontworpen. Vanaf de opzet van het bankwezen tot het laden van gasflessen op vrachtwagens: China's wetten en regels kunnen vaak iedere internationale toets doorstaan. Jammer dat er vervolgens niets mee gebeurt. De bedenkers van die fraaie regels denken dat met de uitvaardiging ervan, hun taak erop zit. Voor een groot deel mogen provincies zelf besluiten welke nationale regels ze wel of niet uitvoeren. En ook op een lokaal niveau permitteert het bestuur zich diezelfde vrijheden. Maar niemand informeert de burgers over nieuwe regelgeving, en gehandhaafd wordt er ook niet. Dat komt de Chinezen goed uit, want zo kunnen zij de overheid gewoon negeren. Chinezen betalen geen BTW, ze steken de weg over zonder op of om te kijken. Ze beginnen winkeltjes zonder de verplichte vergunningen. Niemand houdt zich aan de keuringsnormen voor voedsel en van de regels om vrachtwagens te laden met gevaarlijke stoffen hebben ze nooit gehoord. Natuurlijk kun je gelazer krijgen. Gniffelend kijkt het publiek toe als een agent uit de honderden die zich niet aan de regels houden, een slachtoffer kiest om te bekeuren. Dat is pech hebben. Maar niemand die zich iets van een regel aantrekt, tenzij er een agent met een fluitje bij staat. Wie alleen Peking kent denkt misschien dat dit een politiestaat is, met al die agenten op elke straathoek. Maar elders in China zijn erg weinig politieagenten en bovendien slecht opgeleid, slecht betaald en slecht bewapend. Van hen werkt 40 procent in de elf grootste steden. Vooral op het platteland is het gebrek aan goed opgeleide en goed uitgeruste politie een groot probleem. Als zich een probleem vanuit de oprukkende onderwereld voordoet, legt de politie het vrijwel altijd af. Geweld door de politie is een probleem dat onder meer hieruit is te verklaren: ze hebben weinig andere middelen tot hun beschikking.

4. Hoe komen ze aan hun geld?

Sparen zit de Chinezen in de genen. Bij de Shanghainezen gaat dat het verst: die vinden geld nog opwindender dan seks. Zelfs met geringe inkomsten zijn ze in staat relatief veel opzij te zetten. In China belopen alle spaartegoeden samen ongeveer een triljoen euro's. De Chinese overheid en buitenlandse banken proberen de spaarders zover te krijgen hun geld uit te geven. Maar het meeste blijft op bankboekjes staan of onder het matras liggen. Ook is er geen druk om belasting te betalen. De overheid zelf is slecht georganiseerd en verdeeld in elkaar bestrijdende bureaucratieën, waardoor het vrijwel onmogelijk is een coherent belastingsysteem te ontwikkelen. Omdat de officiële belasting grotendeels naar de staatskas gaat, hebben provincies en gemeenten allerlei fantastische tarieven en heffingen bedacht, die in hun eigen zak verdwijnen. Peking probeert dat wel te verbieden, maar heeft weinig middelen om de lagere overheden tot de orde te roepen. In China zijn het vooral de buitenlandse bedrijven die de belastingkas spekken. Een deel van de inkomsten komt ook uit het criminele circuit. Dat begint met het relatief onschuldige illegaal gokken, maar de machtige Chinese maffia doet in principe alles waar ze geld mee kan verdienen. Traditioneel was dat het 'beschermen' van winkels en bedrijven. Met het verhogen van de buitengrenzen in Europa, verdient die maffia ook goud geld met het smokkelen van mensen. Hoe harder justitie optreedt tegen de illegale migranten, hoe meer de maffia aan hen kan verdienen. Ook de drugssmokkel hoort bij de inkomstenbronnen van die maffia. De criminelen kunnen bovendien goed gebruik maken van de Chinese houding om de overheid zoveel mogelijk te ontwijken.

5. Zijn ze bijgelovig?

Afhankelijk van de plaats en tijd geloven ze voortdurend andere dingen, ze maken handig gebruik van allerlei kleurrijke tradities. De feng shui komt uit het zuiden en verspreidt zich, sinds het commercieel wordt uitgebaat, ook steeds meer in het westen. De falung gong heeft meer aanhang in het noorden en is een eigenaardig mengsel van traditionele bewegings-oefeningen en de opvatting dat een denkbeeldig wiel in het middenrif tot het eeuwig leven kan leiden. Op TV zag ik een mooie reportage over twee blinde broers die het vreemd vonden dat ze niet plotseling konden zien, terwijl ze toch elektronische massagekussentjes hadden gekocht. Geld en een lang leven in het aardse. Die twee verwachtingen staan in China over het algemeen hoger aangeschreven dan geluk in het hiernamaals: dat vinden ze in wezen maar flauwekul. Wel is de scheiding tussen leven en dood hier minder rigide dan in het Westen. Zo is het heel normaal om in de winter - ondanks de kou - de buitendeur open te laten, zodat de geest van de overleden grootvader nog binnen kan komen, als die daar zin in heeft. Voor Chinezen is alles toegestaan om geluk af te dwingen. Muntjes naar een Boeddhabeeld gooien, wierook branden. Ze kunnen ook tijdelijk gelovig worden als ze dat nodig denken te hebben. Wel oriënteren ze zich dan eerst op de verschillende geloven alvorens een keuze te maken. Mensen ontmoeten die net terugkeren van een begrafenis, brengt ongeluk: Chinezen lopen met een bocht om deze onheilbrengers heen.

6. Er is veel buitenlandse kritiek op het mensenrechtenbeleid van China. Wordt daarnaar geluisterd?

Buitenlandse kritiek op China, voor zover die de Chinese media haalt, versterkt vooral het sterke nationalisme onder de Chinezen. Hoewel ze zelf graag kankeren op hun overheid, vinden ze dat het buitenland met hun handen van hun kloteregering moet afblijven, zeker als de kritiek ook nog eens uit de Verenigde Staten komt. De overheid weet goed op die nationalistische gevoelens in te haken. Het geritsel met individuele politieke gevangenen is een spel op hoog niveau. Peking zorgt altijd dat er een paar vastzitten als er weer een hoge Amerikaanse functionaris langskomt. Dan kunnen ze er tenminste eentje vrijlaten onder Amerikaanse 'druk'. Zo'n gebaar werkt altijd goed als diplomatiek wisselgeld bij het binnenslepen van, voor China gunstige, transacties. Binnenkort wordt Bush verwacht, dus ...

7. China mag de Olympische Spelen van 2008 organiseren. Hoe dol zijn de Chinezen op sport?

Voetbal is favoriet in China. Hoewel ze zich vorig jaar geplaatst hebben voor het Wereldkampioenschap voetbal, bakken ze er nog niet echt veel van. Sport en beweging worden steeds meer trendy in de grote steden van China. En dan praten we niet over de rituele 'qigang'bewegingen, die in veel parken worden beoefend door bij voorkeur vijftigplussers. Nee, sportzaaltjes zijn 'in', en, opdat iedereen de sportieve prestaties kan bewonderen, liefst met een grote vitrine. Ze verschijnen sneller in de straten van Shanghai dan McDonald's.

8. China zegt dat haar één-kindpolitiek een groot succes is. Klopt dat?

China's leider Mao Zedong dwong grote gezinnen af, omdat die het land zo sterk mogelijk moesten maken, zei hij. Dat beleid leverde een bevolkingsgroei op die het land op een ramp afstuurde. China zou nooit in staat zijn die snel groeiende bevolking te voeden, te huisvesten en van werk te voorzien. Na Mao's dood in 1976 ging het land direct en radicaal over op een één-kindbeleid om dat rampscenario af te wenden. In de praktijk blijkt het gemakkelijker een bevolking te laten groeien dan die groei weer terug te dringen. Op lokaal niveau gingen ambtenaren belast met de gezinsplanning ernstig over de schreef en verhalen over gedwongen abortussen en andere uitwassen domineerden de buitenlandse media. Pas de laatste jaren worden die overijverige ambtenaren meer en meer tot de orde geroepen. Terwijl het één-kindbeleid in de grotere steden wordt nageleefd, is het in het grootste deel van China een farce. Met een eenvoudige boete kunnen de Chinezen op het platteland vaak extra kinderen 'kopen' en velen hebben drie of vier kinderen die niet in de statistieken voorkomen. Door de enorme migratiestromen is het sowieso moeilijk voor de autoriteiten te achterhalen hoe familierelaties precies in elkaar zitten. Omdat die 'zwarte' kinderen nooit worden opgegeven, weet niemand precies hoeveel mensen in China wonen, of het één-kindbeleid enig effect heeft gehad, en of China nog steeds op een crisis afstormt.

9 Wat is de grootste angst van de 'doorsnee'-Chinees?

De angst om niet te eten te hebben. hongersnoden, politieke strijd en burgeroorlogen hebben ervoor gezorgd dat de Chinezen zich nog steeds gedragen alsof er morgen weer een crisis kan uitbreken. Twintig jaar van relatieve groei hebben daar niets aan veranderd. 'Heb je al gegeten?' is de traditionele groet op straat. De ongekende spaardrift is een ander teken van die onzekerheid. Chinezen zijn altijd op het ergste voorbereid. Door die behoedzame houding hebben ze wel geleerd beter te overleven als het mis gaat.

10. De Chinese economische expansie lijkt nog maar net begonnen. Waar gaat dat naar toe?

Chinese bedrijven die de wereldmarkt betreden, zullen een veel groter effect hebben dan de buitenlandse bedrijven die China binnentrekken. De expansie van Japan was al schrikken voor het westerse bedrijfsleven, de Chinese invasie zal dat nog veel meer zijn. Een kwestie van arrogantie: westerse bedrijven kunnen zich niet voorstellen wie verder nog bedreigend kan zijn behalve dan hun traditionele concurrenten. Hier in China heeft Unilever hardhandig geleerd dat de Chinese concurrenten veel belangrijker zijn dan Procter & Gamble. Het worden interessante tijden.

Wat achtergrond informatie.

Chinezen in Nederland

In Nederland wonen 51.000 personen die in China, Hongkong, Macau of Taiwan zijn geboren of van wie een van de ouders daar is geboren. Daarnaast telt Nederland 25.000 personen die, hoewel afkomstig uit landen als Suriname, Indonesië, Maleisië en Singapore, ook tot de Chinese bevolkingsgroep gerekend kunnen worden. Ruim éénderde van de Chinezen was bij vestiging in Nederland twintiger. Op dit moment is er een sterke ondervertegenwoordiging van 50-plussers. Zij maken slechts 15 procent van de groep uit, terwijl dit voor de totale Nederlandse bevolking 30 procent is. De geslachtsverdeling binnen de Chinese bevolkingsgroep is evenwichtig. Tweederde van de gehuwde eerste generatie Chinezen heeft een Chinese partner. Ongeveer 10 procent heeft een in Nederland geboren partner. Bij een kwart is de partner in een ander land geboren. Chinese vrouwen in Nederland krijgen gemiddeld 2,3 kinderen. Vrijwel de gehele tweede generatie Chinezen heeft de Nederlandse nationaliteit. Van de eerste generatie Chinezen afkomstig uit China heeft ruim de helft de Nederlandse nationaliteit. Bij de Hongkong-Chinezen is dit 85 procent. Chinezen wonen vooral in Amsterdam, Den Haag en Rotterdam. In deze gebieden wonen twee keer zoveel Chinezen als in de rest van Nederland.

Bron: CBS, 2001

Belangrijke handelspartner

Het belang van China voor de Nederlandse handel is sinds 1970 enorm gegroeid. Tot 1986 hielden im- en export elkaar redelijk in balans. Maar vanaf 1986 veranderde die situatie. Inmiddels staat tegenover iedere euro uitvoer meer dan 6 euro aan invoer. China is daarmee, na Japan en Taiwan, de belangrijkste handelspartner in Oost-Azië geworden. Nederland importeert uit China vooral personal computers, speelgoed, onderdelen van computers, kantoor-machines, en 'fabrikaten gerangschikt naar grondstof' (o.a. garens, weefsel, huishoudelijk aardewerk en gereedschappen).

De export naar China bestaat voor ongeveer 10 procent uit landbouwmachines. Het gaat hierbij vooral om gespecialiseerde machines voor de voedingsindustrie, drukkerijen, de leerindustrie en metaalbewerking. Verder exporteert Nederland chemische producten, generatoren, onderdelen voor motoren en mobiele telecommunicatie, vlees en alcohol­ houdende dranken.           

Bron: CBS, Ministerie van Economische zaken

Adoptie:

meestal meisjes.

In 2000 werden er in Nederland 1192 kinderen geadopteerd. China stond bovenaan de adoptieranglijst met 457 kinderen, gevolgd door Colombia met 226 en India met 64 kinderen. De uit China geadopteerde kinderen zijn, meer dan in andere landen, voornamelijk meisjes. Van de 457 kinderen waren slechts veertien jongetjes. Een belangrijke reden hiervoor is de één-kindpolitiek van China. Een zoon garandeert het voortbestaan van de familienaam en het familiebedrijf. Daarom worden met name meisjes vaak afgestaan of te vondeling gelegd.

Bron: Bureau Voorlichting Interlandelijke Adoptie, Wereldkinderen, 2000

Printvriendelijke versie